top of page
  • Foto van schrijverViviana Poort-Lerant

Verschillen en overeenkomsten tussen jongeren en hun ouders bij hun studiekeuze

Bijgewerkt op: 1 jun.

Eerder schreef ik al een blog over generatiemanagement en het belang er van voor bedrijven om er aandacht aan te besteden.


Ook op het gebied van studiekeuze zien we (grote) verschillen tussen wat wij als ouders belangrijk vonden bij het maken van een studiekeuze en de keuze voor een baan met die van onze kinderen. En onze keuzes zijn weer anders dan die van onze ouders en voorouders.


Je kunt ze toewijzen aan de verschillen tussen de generaties. Elke generatie kent eigen gedragingen en kenmerken. Waarbij de ene generatie vrije tijd/work-life balance belangrijk vindt, vindt de andere generatie baanzekerheid of verbinding en loyaliteit belangrijk.


Wat is een generatie?

Volgens wikipedia: “Een generatie is in sociologische betekenis een groep mensen die in dezelfde periode – doorgaans 15 jaar – geboren is en waarbij enkele gemeenschappelijke kenmerken de groep typeren”.

Deze kenmerken komen voort uit dezelfde fase van fysieke en emotionele ontwikkeling waarin ze verkeren en uit de vele ervaringen die ze als generatiegenoten gemeen hebben. Denk hierbij aan ervaringen op het gebied van economie, media, technologie, (dreigende) oorlogen en aanslagen.(Wikipedia).


Welke generaties zijn er?

2000-heden Generatie Z, ook wel Gen Z, Digital Natives of iGeneration

Dit is de generatie die nu studiekeuzes gaan maken (zeg maar onze kinderen nu) en een deel ervan komt langzaamaan op de arbeidsmarkt. Generatie Z is van jongs af aan bekend met computers, internet en social media. Hierdoor zijn ze nog verder op technologisch gebied dan de generatie hiervoor, de millennials, ook wel generatie Y en ze zijn zeer bedreven in multitasken.

Deze generatie stelt forse verwachtingen aan zichzelf en streeft op haar eigen manier naar een hoger doel. Sommigen denken bijvoorbeeld bij het kiezen van een studie na over de toekomst, en hebben daarvoor een uitgebreid plan. Ze realiseert zich dus veelal goed dat een baan, en de juiste voorbereiding daarop, hun verder gaat brengen. Wat ze vaak nog niet weten is waar ze dat werk willen doen, of welke studie te kiezen en wat hun ideale ‘grote-mensen-baan’ is. De hoeveelheid aan mogelijkheden levert soms zelf stress op.

Ondanks hun hang naar vastigheid wil Generatie Z tegelijkertijd vrij zijn: zelf hun dagen invullen, eigen werktijden bepalen en op vakantie wanneer het hen uitkomt.

Binnen deze generatie zijn er twee groepen te herkennen:

  1. Zekerder van zichzelf, en weet ook al redelijk goed weet welke richting zij later op willen gaan. Hier zit ook een grote groep die met numerus fixus studies te maken kan krijgen. Hoe naar als je zo precies weet wat je wilt, maar je niet mag studeren wat je wilt. Voor deze groep is een Plan B heel belangrijk.

  2. Ziet het werkende leven nog als verre toekomst, en kijkt liever stap voor stap naar wat zij over vijf of tien jaar doen. Ze richten zich nu op hun studie en houden zich niet echt met werken bezig, dat komt later wel.


Binnen deze generatie is een hele grote groep jongeren die totaal geen idee heeft welke studie überhaupt te kiezen. Er ontstaan nog ieder jaar nieuwe studies, studies veranderen van naam en de keuze is enorm. En daar kunnen ze echt nog wel hulp bij gebruiken.


1985-2000 Generatie Y, of Millenials

Deze generatie kwam in tijden van hoogconjunctuur op de arbeidsmarkt en de verwachtingen naar organisaties toe waren hoog. Millennials hechten waarde aan zelfstandigheid en flexibel werken. Ze vinden zelfontplooiing belangrijk en willen werken in een omgeving waar ze zich kunnen ontwikkelen en echt iets kunnen bijdragen. Ze zijn prestatiegericht. In een wereld waarin alles al eens eerder bedacht en gedaan is, vindt deze generatie authenticiteit belangrijk. Ze wil gehoord worden en inspraak hebben. Wanneer dit niet gebeurt, kan dit leiden tot frustraties en conflicten.

Alles draait om meewerken aan het grotere geheel en iets goeds en waardevols kunnen doen. Als deze jongeren een baan vinden waar ze hun passie in kwijt kunnen, dan blijven ze.


1970-1985 Pragmatische Generatie, ook wel “de patatgeneratie”

De pragmatische generatie (veelal de ouders van de studiekiezers nu) werd door hun ouders vrijgelaten in hun keuzes: ‘Je eigen ding doen’ en ‘jezelf zijn’ waren tijdens de opvoeding belangrijke waarden. Veel jongeren vervielen in passiviteit, als gevolg van de onderhandelingscultuur en gebrek aan dwang en verplichtingen, vandaar de naam patatgeneratie.

Belangrijk vindt deze generatie levensgeluk en ontwikkeling. Deze generatie is ambitieus en hecht veel waarde aan persoonlijke ontwikkeling. Ze werken graag samen met anderen.

Deze generatie is ook voortdurend op zoek naar zichzelf. Vragen die hen bezighouden zij: Wie ben ik echt? En wat kan ik? En wat wil ik echt? Vragen die ook heel belangrijk zijn om te stellen aan de huidige generatie Z, zodat ze een bewuste goed passende keuze kunnen maken voor een studie.


1955-1970 Generatie X, ook wel de “verloren generatie”of “generatie nix”

Generatie X groeide op tijdens de economische crisis die leidde tot grote (jeugd)werkloosheid. Deze generatie had erg veel moeite om werk te vinden na hun studie, omdat organisaties moesten bezuinigen. Deze generatie hecht veel waarde aan verbinding, ontwikkeling, zelfontplooiing en individualisme.

Deze generatie kenmerkt zich door een no-nonsense mentaliteit, een praktische instelling en ze houdt van aanpakken.

Deze generatie wordt ook wel de “lijm en de brug” tussen de generaties boven en onder hen genoemd. Ze zien de verschillen tussen de babyboomers en de millenials op het digitale vlak en kunnen ze verbinden. Zelf maken ze zich digitale ontwikkelingen snel eigen. Zien de voordelen van zowel op kantoor zitten als online/op afstand werken.


1945-1955 Babyboomers

Deze generatie is van net na WOII en heeft te maken gehad met de wederopbouw, groei en herverdeling van de macht. Babyboomers hebben een vrije moraal en zoeken draagvlak voor ideeën en idealen. Deze generatie vindt baanzekerheid heel belangrijk en lifetime employment is heel normaal. Ze zijn loyaal aan en betrokken bij hun werkgever.

Een groot deel van deze generatie is al met pensioen of gaat bijna met pensioen. Veelal de grootouders van de studiekiezers van nu. Ze gaan de arbeidsmarkt verlaten en daarmee gepaard gaat enorm kennisverlies.


Verschillen tussen de generaties

De verschillen tussen de generaties en wat ze belangrijk vinden om hun keuzes voor studie en werk op te baseren kan leiden tot wrijving of juist voor mooie nieuwe inzichten. Wijzelf, onze ouders en grootouders, en ook onze kinderen hebben ieders een eigen beeld op wat we belangrijk vinden in het leven, aan onze studie en wat we uit het werk willen halen. Dat ligt namelijk in hoe we zijn opgegroeid en wat we van onze studie en werk verwachten.

Als je je kind wilt helpen bij het maken van een studiekeuze, sta dan eens stil bij de verschillen en overeenkomsten tussen jouw generatie en die van jouw kind.


Hulp nodig bij de studiekeuze van jouw kind?

Een studiekeuze bootcamp® biedt uitkomst. In slechts 4 uur werken we toe naar meer zelfinzicht, een persoonlijke studie top 5 en een concreet actieplan. En staan we stil bij de drie belangrijke vragen: “wie ben ik”, “wat kan ik” en “wat wil ik”. Iedere studiekeuze bootcamp® start met een gedragsassessment van Thomas International, de Student Profiel Analyse (SPA). Wil je als ouder ook inzicht krijgen in je eigen gedrag? Je kunt bij mij ook een gedragsassessment maken, de Persoonlijk Profiel Analyse (PPA). En leg de uitkomsten eens naast die van je kind. Hierin vind je elkaars overeenkomsten en verschillen.


Meer weten? Neem dan contact met mij op.



Moeder en dochter aan het werk
2 generaties aan het werk

62 weergaven
bottom of page